Twee klokken van

"Het Markiezenhof" (Bergen op Zoom)

gerestaureerd.

 

Nieuws uit 2011

Museum "Het Markiezenhof" is een laatgotisch stadspaleis in Bergen op Zoom, residentie van de heren en later de markiezen van Bergen op Zoom, Nederland. Tegenwoordig vinden er hier tentoonstellingen en evenementen plaats.
Het is een rijksmonument en behoort tot de Top 100 der Nederlandse UNESCO-monumenten.

Het is een museum waarin men kennis kan maken met de levenswijze van de markiezen.

Er zijn vier stijlkamers waaronder de Henriëttekamer en de Theodoorkamerdie zijn voorzien van meubilair en sier- en gebruiksvoorwerpen uit de 16e tot 18e eeuw.

Voor de stijlkamers uit de 18de eeuw zijn door mij twee klokken gerestaureerd, die de ruimtes weer vullen met hun belgeluid.

Een bezoek aan het Markiezenhof is beslist de moeite waard!

 

   
   
 
 
 
   
 
   
 

 

 
Stokoude, door verkeerde olie aangetaste tandwieltjes waren de boosdoeners in beide uurwerken.

Herstelde klokken krijgen een 'baasje'

zaterdag 02 juli 201

Twee kostbare, 18e-eeuwse klokken van Het Markiezenhof stonden vele jaren stil: kapot.
‘Klokkendokter’ Bernard Meier heeft ze weer aan de praat gekregen.

Een half jaar lang hebben bezoekers van historisch centrum Het Markiezenhof het moeten doen met een paar niet erg fraaie foto's. Nu is, in de stijlkamers van het museum, terug wat daar eigenlijk hoort te staan en te hangen: twee historische klokken, gemaakt in de 18e eeuw.

Henk Calis plaatst de Louis Seize-klok terug op de schoorsteenmantel. Rechts conservator Jan Peeters.foto's Tonny Presser/het fotoburo


Meesterklokkenmaker Bernard Meier uit Antwerpen en zijn medewerker Henk Calis uit Bergen op Zoom hebben de geheel herstelde en schoongemaakte uurwerken gisteren afgeleverd en op de juiste plekken teruggeplaatst.
In beide klokken waren onder meer tandwieltjes kapot. 'Klokkendokter' Bernard Meier: "Ze kunnen nog eeuwen mee. Als ze tenminste maar goed worden verzorgd."De ene klok, terug op zijn vertrouwde plekje op de schoorsteenmantel in een van de stijlkamers, is in Lodewijk XVI-stijl. Hij moet naar schatting van Meier rond 1790 vervaardigd zijn, in Parijs. De andere, in Lodewijk XIV-stijl, dateert van 1720 à 1730 en pronkt een paar stijlkamers verder nu weer als vanouds aan de wand. Het raderwerk daarvan komt ook uit Parijs, maar het 'huis' van de klok is gemaakt in Toulouse.

Ze zijn vermoedelijk allebei gebouwd in opdracht van de Parijse adel.

'Klokkendokter' Bernard Meier hangt de oudste van de twee klokken terug op zijn plek.

Het Markiezenhof heeft ze sinds ongeveer 1980 in bezit. Ze moeten heel lang stuk zijn geweest: "Toen ik hier in 2002 kwam werken, deden ze het al niet meer", vertelt museumconservator Jan Peeters. Waarom die klokken nu alsnog repareren als ze al zoveel jaren stilstonden?
Jan Peeters: "Ze stonden hier alleen maar mooi te zijn en dat is niet genoeg. Als je ziet dat ze lopen en je hoort ze tikken, breng je meer sfeer, meer leven in de stijlkamers. En het zijn tenslotte klokken, die horen gewoon te lopen."

Voor de collectie van Het Markiezenhof vertegenwoordigen de historische uurwerken een groot belang, aldus Peeters. "Ze zijn voor ons heel waardevol als aankleding van de stijlkamers. Ze passen perfect in de periodes waaraan twee kamers zijn gewijd, de stijl van Louis Seize en Louis Quatorze."


Voor klokkendokter Bernard Meier – een Nederlander die in Antwerpen woont en werkt en daar een grote reputatie als hersteller van oude uurwerken heeft opgebouwd – is het een tikje minder bijzonder. Hij is tenslotte iedere dag met dergelijke kostbare klokken in de weer.
Ze werden in Parijs in de 18e eeuw min of meer seriematig gebouwd door ambachtelijke uurwerkmakers.

"Volledig eenmalig zijn deze klokken dus niet: er bestaan er meer van. Aan de andere kant: er zijn er geen twee helemaal hetzelfde, de bouwers gebruikten telkens weer andere ornamenten. In die zin zijn ze dus wel uniek."
De klokken, constateerde Meier, zijn stuk gegaan door slijtage en gebrek aan onderhoud, maar vooral door smering met de verkeerde olie. Die olie werkte in op het oude messing van de tandwielen en daar kunnen ze niet tegen.
Zulke oude, met de hand en met veel vakmanschap gemaakte klokken trotseren de eeuwen, in tegenstelling tot de moderne. "Maar dan moeten ze wel een baasje hebben die er goed naar omkijkt", zegt Bernard Meier. Daarom heeft hij conservator Peeters 'benoemd' tot klokkenverzorger. Alleen hij mag ze – heel voorzichtig – opwinden.

Eens per drie weken.

 

Zie ook: Herstelde-klokken-krijgen-een-baasje

 

END PAGE